Mentoren

Taakverdeling

In de Leidse Inburgering zijn meerdere personen bij een statushouder betrokken. Dit zijn de mentor, de maatschappelijk begeleider van Vluchtelingenwerk en de klantmanager van de gemeente Leiden. Elk van hen heeft eigen taken en verantwoordelijkheden, die hieronder staan beschreven. 

Logo van project JA Statushouders

Als mentor:

  • Ben je een extra buur en bied je een luisterend oor.
  • Stimuleer je het spreken van de Nederlandse taal.
  • Activeer je de statushouder om samen de omgeving te verkennen en spreek je (ook) buiten de deur af.
  • Maak je de statushouder wegwijs in de stad.
  • Stimuleer je de statushouder om na te denken over culturele verschillen en Nederlandse normen en waarden.
  • Ondersteun je de statushouder bij het opbouwen van een netwerk in de regio.

 

Logo VluchtelingenWerk

Vluchtelingenwerk:

  • Inkomsten en uitgaven anders dan uitkering en bijzondere bijstand.
  • Aanvragen van verzekeringen en voorzieningen.
  • Aanmeldingen bij o.a. energie, water, sport, UWV, DigiD, telefoon en internet.
  • Post.
  • Doorverwijzen naar instanties.
  • Juridische zaken waaronder gezinshereniging, reizen naar het buitenland en juridische verblijfsdocumenten pasgeborenen.
  • Contacten met: artsen, scholen, kinderopvang, GGZ, woningbouw, belastingdienst, DUO, verzekeringen, deurwaarders, organisaties binnen het sociale domein, advocaten en IND.

 

Logo Leiden rood

Klantmanager:

  • Beoordeelt de uitkeringsaanvraag
  • Beoordeelt het recht op bijzondere bijstand.
  • Stelt het Plan van Aanpak op.
  • Bewaakt een tijdige inschrijving inburgering.
  • Bewaakt de voortgang van het programma Leidse Inburgering.
  • Is de contactpersoon waar statushouders met vragen omtrent de uitkering en het programma Leidse Inburgering terecht kunnen.

Begeleiding voor mentoren

Mentoren worden vanuit project JAS op verschillende manieren begeleid. Hieronder staat per vorm van begeleiding wat het is en hoe het werkt.

Themabijeenkomsten

Tijdens themabijeenkomsten vertellen projectmedewerkers over het laatste nieuws rondom de Leidse Inburgering, leren mentoren over interculturele communicatie, komen andere mensen die betrokken zijn bij de statushouders iets vertellen over hun werk en is er ruimte voor intervisie. Deze themabijeenkomsten vinden eens per zes weken plaats. Mentoren krijgen voorafgaand aan elke bijeenkomst een uitnodiging per mail van de vrijwilligerscoördinator. Hieronder staan enkele voorbeelden van thema's die tijdens de bijeenkomsten aan bod komen.  

 

Themabijeenkomst Mentorproject

Interculturele communicatie

Tijdens dit educatieve proces wordt er op basis van wat mensen zien en ervaren gesproken over het dagelijks leven, nieuws, en ontwikklingen hiermee worden oude en nieuwe ervaringen met elkaar verbonden en ontstaan nieuwe referentiekaders. Daarnaast worden de statushouders geinformeerd over de participatieverklaring. De ondertekening van deze verklaring is geen afronding van de inburgering maar slechts een tussenstap naar zelfredzaamheid in de Nederlandse samenleving. Meer informatie is terug te vinden in deze presentatie.

Startgroep

De Startgroep in het JAS-programma begint met een groepsintake waarin de gang van zaken omtrent de Startgroep uitgelegd wordt, en de leerbaarheidstoets afgenomen wordt. Hierop volgt een tweewekelijkse bijeenkomst gedurende 6 weken. Tijdens deze bijeenkomsten krijgt de statushouder de ins-en-outs van het programma Leidse Inburgering te horen en wordt hij voorbereid op de inburgeringscursus. Daarnaast is er aandacht voor onderwijs of werk in Nederland, wordt er gekeken in hoeverre de deelnemers beschikken over digitale vaardigheden en wordt er een begin gemaakt met het leren van de Nederlandse taal.

 

Na ongeveer 3 weken kan de docent zich een beeld vormen van de statushouder, en kan aan de hand van dit beeld (houding, spreekvaardigheid, aanwezigheid, et cetera) en een afgenomen leerbaarheidstoets, ingeschat worden welk inburgeringsinstituut het beste bij de statushouder past. Hierbij wordt ook rekening gehouden met de wachtlijsten; het doel is immers om alle statushouders zo snel mogelijk en zo goed mogelijk te plaatsen bij de inburgeringsinstituten. Tijdens de bijeenkomsten wordt veel aandacht geschonken aan de inhoud van, en het motiveren van de deelnemers voor het programma. Daarnaast is het ontwikkelen van de spreekvaardigheid van de cursisten van belang; grammatica en schrijfvaardigheid zijn tijdens de Startgroep ondergeschikt. Het doel van het oefenen van spreekvaardigheid is dan ook om de statushouder de mogelijkheid te geven zich verder te ontwikkelen in de Nederlandse maatschappij en om andere statushouders en Nederlandstaligen te ontmoeten. Daarnaast wordt, om deze ontmoeting en participatie te bevorderen, er vooral gewerkt met activerende werkvormen, zodat de statushouder actief bezig is met de taal. Zo snel mogelijk na het einde (of hiervoor nog, indien mogelijk) van de zes weken durende Startgroep, begint de deelnemer met de inburgeringscursus. 

Inburgering

Inburgering is een van de belangrijkste onderdelen van de Leidse Inburgering. Sterker nog, statushouders moeten binnen twee jaar het inburgeringsdiploma, Staatsexamen I of Staatsexamen II halen. Eventueel uitstel is alleen mogelijk met heel goede argumenten en na goedkeuring door de klantmanager. Zodra de statushouder een leerbaarheidstoets heeft afgenomen in de startgroep krijgt hij/zij een advies over de inburgeringsschool. Nog steeds is hij/zij vrij in het maken van de keuze voor een inburgeringsschool. De statushouder is zelf verantwoordelijk voor het zo snel mogelijk starten met een inburgeringscursus, maar de start en voortgang worden wel vanuit project JAS bewaakt.

 

Overige begeleiding voor mentoren

Naast themabijeenkomsten zijn er ook andere momenten en manieren waarop mentoren begeleid worden:

Gesprek na 3 maanden met statushouder en klantmanager

Na 3 maanden is er een gesprek waarbij de mentor, statushouder en klantmanager aanwezig zijn. Dit gesprek wordt al bij de start van het mentorschap ingepland en heeft als doel dat de mentor, statushouder en klantmanager informatie met elkaar kunnen uitwisselen over de voortgang van de statushouder.

Gesprek na 6 maanden met statushouder en vrijwilligerscoördinator

Na 6 maanden is er een gesprek waarbij de mentor, statushouder en vrijwilligerscoördinator aanwezig zijn. Tijdens dit gesprek wordt bekeken of de match tussen mentor en statushouder nog aan de verwachtingen van beide partijen voldoet. Op basis daarvan wordt besloten of het mentorschap wordt voortgezet met de desbetreffende statushouder, of dat er een nieuwe match wordt gezocht. In het laatste geval kunnen de desbetreffende mentor en statushouder uiteraard wel contact met elkaar blijven houden.

BuurBook

Voor alle mentoren van het mentorproject is er een besloten groep aangemaakt op BuurBook. In deze groep kunnen mentoren elkaar om hulp vragen, ervaringen delen en contact met elkaar zoeken. Uiteraard is ook de vrijwilligerscoördinator lid van de groep om alle praktische vragen te beantwoorden. De BuurBook-groep is via deze link te vinden. 

Gedragscode

Als mentor dien je je aan een bepaalde gedragscode te houden. Deze is hier terug te vinden.

Veelgestelde vragen

Heeft u een vraag over uw statushouder? Wellicht vindt u het antwoord in de veelgestelde vragen. Staat het antwoord op uw vraag er niet tussen? Neem dan contact op met Liset van der Vos: This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it. of 071 516 46 37.


webdesign en realisatie door: MC United Reclamestudio, Alphen aan den Rijn